maandag 30 mei 2011

Expat


Met mijn Indische collega's kan ik goed overweg. Ook het dagelijkse leven bevalt me hier. Toch zijn er momenten dat je als westerling even uit de Indische samenleving wil stappen om onder lotgenoten te zijn. Dat kan de vrijdagavond op de bijeenkomst van TEA, een expat organisatie hier in Hyderabad. Die verzamelt sinds kort op een nieuwe lokatie in Boulder Hills, het clubhuis van een golfclub, waar het aangenaam zitten en lekker eten is.

Je komt er een waaier van nationaliteiten tegen. Heel wat Fransen en Duitsers, maar ook Britten, een Spaanse, een handvol Canadezen en Amerikanen en zelfs andere Belgen. De afgelopen week wordt er besproken bij een biertje en een hapje en meestal sluiten de Belgen de boel. Stel je daar geen bacchanalen bij voor, om 11 uur 's avonds is alles afgelopen.

Eén van de meest interessante mensen die ik er de afgelopen weken mocht ontmoeten is Ziba, een Iraanse freelance fotografe. Met wat ze in haar leven al heeft meegemaakt, kun je een lijvige biografie vullen. Haar vader was oppositie politicus in Iran. Toen ze elf was werden haar moeder, samen met een broer en zus van haar daarom door het regime vermoord in een bomauto. Haar vader is ondertussen ook overleden en de rest van het gezin leeft verspreid in Canada en Zweden. Ziba spoelde aan in India en bouwde met vallen en opstaan, de details zouden ons te ver leiden, hier haar leven opnieuw op. Van de weeromstuit is ze er katholiek van geworden.

Ik vind het leuk praten met Ziba en ze geeft goede fototips. Even tussendoor voor alle duidelijkheid: Ik heb er niets mee, geen verkeerde gedachten krijgen. Zondag vroeg ze of ik geen zin had om mee te gaan naar de Hash, een iets sportievere tegenhanger van TEA. Je kan er anderhalf uur wandelen of lopen. Bij temperaturen van 40° lijkt wandelen me al voldoende. Je komt er langs plaatsen even buiten de stad waar je anders niet komt en het bulkt er van de photo opportunities. Dus besloot ik maar mee te gaan.

Het is een meevaller geworden. Het publiek is deels hetzelfde als op vrijdagavond en de fysieke inspanning kon ik best wel gebruiken. Ook mijn camera stond niet stil. Na de wandeling werd het me even te studentikoos met een soort inwijding voor nieuwelingen, ik dus, en straf voor de laatkomers, begeleid door scabreuze gezangen. Dat is nooit echt my cup of tea geweest, maar kom, ik was Ziba dankbaar voor de vraag en ben volgende week waarschijnlijk opnieuw van de partij.

zondag 22 mei 2011

Filiberke gaat trouwen, maar dan omgekeerd


Over het algemeen weigeren wij als Belgen beleefd de wedding invitations die we krijgen. Die komen nu, op het hoogtepunt van het trouwseizoen vlot binnen. En dan krijg je al eens een uitnodiging voor het huwelijk van een aangetrouwde neef van de broer van de vrouw van een verre collega, die op een woensdagavond om 11u27 trouwt. Om daar als blanke trofee op te draven, dat zien we niet echt zitten.

Maar voor een directe collega, die dan nog zelf trouwt, op een treffelijk uur (woensdagmorgen om 10 uur), wil ik graag een uitzondering maken. Dus trok ik afgelopen woensdag, samen met enkele Indische colruyt medewerkers naar het huwelijk van Poojitha. Niet dat het zo evident was. Het hele gebeuren vond plaats in Karimnagar, een kleine 200 km van Hyderabad, en dat betekent hier algauw 4 uur rijden. Bovendien klimt de temperatuur momenteel vlot boven de 40° . Ook moest ik zeker om 3u30 's middags terug zijn voor een vergadering. 8 uur auto in de Indische zon voor een kleine 3 uur trouw, het hoort er allemaal bij.

Zo'n huwelijk is een kleurrijke aangelegenheid. Vooral vrouwen en kinderen lopen er op hun best bij, en zulke photo opportunities wil ik graag benutten. Dat je daar als blanke evenzeer een foto-object bent moet je er maar bijnemen.
Net voor de ceremonie zag ik een meisje niet ouder dan negen of tien jaar, duidelijk behorend tot de dichte familie van het bruidspaar, helemaal uitgedost, in haar neus staan peuteren. Vlug nam ik een foto (helaas niet scherp genoeg naar mijn goesting) en wekte daarmee haar aandacht. Van dan af verloor ze me niet meer uit het oog. Steeds dwaalde haar blik in de richting van mezelf en mijn collega's. We begonnen er grapjes over te maken. Na een tijdje kwam ze een rij voor ons plaats nemen. Nog wat later draaide ze zich om en stelde de overbekende vraag "Which country?".

Daar bleef het niet bij, ze wilde weten hoe ik heette, haar naam was Sriya, hoe oud ik was, of ik getrouwd was, of ik veel geld verdiende, hoeveel roepies ik in de envelop voor het bruidspaar had gestopt, hoe ik de bruid kende, enzovoort. Hoe langer het gesprek duurde, hoe groter de hilariteit werd bij ons groepje. Met haar GSM nam ze enkele foto's van me. Toen ze mijn nummer vroeg, heb ik maar wijselijk verteld dat mijn telefoon in België lag en ik dus geen nummer had in India.
Eén van mijn collega's vroeg of ze misschien met mij wou trouwen en toen werd het meisje plots heel erg verlegen, verborg haar gezicht en stoof even later weg.

Of de kleine Sriya nog veel aan ons gedacht heeft nadien, dat weet ik niet, maar ze heeft er wel voor gezorgd dat het mijn leukste Indische function werd tot op vandaag.

zondag 15 mei 2011

Planet of sound (courtesy of the Pixies)


Kun je je in India nog enigszins aan de drukte proberen te onttrekken, dan is ontsnappen aan het geluid vrijwel onmogelijk. Er zijn nu eenmaal heel veel Indiers, meer dan 1,2 miljard volgens de laatste telling, en die moeten toch ergens terecht. Op ieder ogenblik van de dag of nacht is dus overal veel volk. Een lege straat bestaat niet, het kleinste incident geeft aanleiding tot een samenscholing van minstens 50 man.

Het concept privacy is hier onbekend. Als je aan een Indische collega wil uitleggen dat we als Belg soms alleen op onze kamer een boek lezen, of wat internetten en dus niet constant alles samen doen, krijg je niet begrijpende blikken terug. Rare jongens, die Belgen.

Maar zoals gezegd, op ons appartement kunnen we onder de drukte uitkomen. Geluid of lawaai is echter een constante. Het moet luid gaan, of het heeft geen reden van bestaan, lijkt het motto.
Staat er in de shopping mall een reclamestand, dan worden de boxen zo overstuurd dat er enkel een onverstaanbare geluidsbrij overblijft, eindeloos weergalmend in de betonnen hallen. De meeste cafés geven rond 9 à 10 's avonds de volumeknop een ruk naar rechts, zodat praten met elkaar onmogelijk wordt. Ook de religies doen hun duit in het zakje. Op de moskeeën(Hyderabad is de Indische grootstad met het hoogste percentage moslims) staan heuse soundsystems en op sommige plaatsen in de stad kun je vijf keer per dag de imams in canon de gelovigen tot het gebed horen oproepen. Om van de claxons in het verkeer of de blaffende meutes wilde honden dan nog te zwijgen.

Indische steden slapen niet, ze kennen een 24/7 economy. Altijd is wel ergens een bouwwerf waar geklopt en geboord wordt, regels over nachtlawaai zijn er niet. Maar weet je, het went. Na een paar dagen hoort al dat geluid bij het plaatje. In de meeste gevallen toch. Vorige week zijn ze op het terrein achter ons appartement om middernacht begonnen met het boren naar water. Een hels, onophoudelijk lawaai tot de volgende dag om 10 uur 's avonds. Volgens mijn collega's moet je nu eenmaal in dit seizoen een boorput maken, omdat het water nu het laagst staat. Anders boor je gewoon niet diep genoeg. Iedereen aanvaardt dit, je kan er niet voor klagen. Maar ik wilde dan toch eventjes niet in India zijn. Waarom ze 's nachts moesten boren kon niemand me verklaren.

Wellicht heeft dat te maken met het feit dat het terrein een function hall is, een soort halfopen hangar waar feesten worden gehouden(zie foto). En nu is hier volop het marriage season aan de gang, en zijn er wekelijks een aantal trouwpartijen in de hall. Het boren moest waarschijnlijk tussen 2 functions in gebeuren.

Om het juiste tijdstip van het huwelijk te bepalen trekken Indiërs naar een soort sterrenwichelaar en die becijfert tot op de minuut precies wanneer de sterren het gunstigst staan. Helaas voor ons is dit meestal midden in de nacht en je raadt het al: ook op een trouw moet het luid gaan. Als we 's avonds zien dat de zaal wordt klaargezet, halen we de oordopjes boven.
En omdat alles went, slapen we dwars door de functions heen. Slaap lekker!

zondag 8 mei 2011

Go chargers Go


Groot feest in India een goeie maand geleden. Het land werd voor het eerst in 28 jaar wereldkampioen cricket. En laat dat hier nu met lichtjaren voorsprong de populairste sport zijn.

Voor wie nog nooit een snars van de spelregels heeft begrepen, volgt nu een snelcursus. Cricket wordt gespeeld door 2 teams van 11 spelers. Het ene team staat volledig op het veld, van het andere staan enkel 2 slagmannen op het veld. En die slagmannen scoren zoveel mogelijk punten, of runs, voor hun team. Eén run als ze naar de paaltjes aan de overkant lopen, 4 als ze de bal over de grond buiten slaan, en 6 als dit via de lucht gebeurt. Winnaar is de ploeg die meest runs verzamelt. Voila, meer hoef je om te beginnen niet te weten.

Er zijn verschillende formules: wedstrijden van 5 dagen, van één dag(dan gooit elke ploeg 300 ballen) en T20 wedstrijden(elke ploeg gooit 120 ballen). Momenteel is de IPL(Indian premier league) T20 aan de gang. Goed te vergelijken met de Engelse premier league voetbel. De beste spelers uit India, Pakistan, Sri Lanka, Australie,  Nieuw-Zeeland, Zimbabwe en Zuid-Afrika zijn er aan de slag, er gaat heel veel geld in om, en de eigenaars van de 10 teams zijn steenrijke captains of industry. T20 is de spectulairste vorm van cricket, want omdat er zo weinig kansen tot scoren zijn, moet de slagman bijna voor elke bal gaan.

Afgelopen dinsdag gingen we met ons Belgisch contingent, aangevuld met enkele Indische collega's naar een thuismatch van de ploeg van Hyderabad, de Deccan Chargers, kijken. Een hele belevenis. Omdat zowat iedereen tijdig wil thuis zijn om de match op TV of  in het stadion te volgen, onstaat er een verkeerskluwen van jewelste. We deden 2h40 minuten over de 20 km van het werk naar het stadion. Rond het stadion heerst de gebruikelijke Indische chaos en binnen zit iedereen gezellig door elkaar. Geen agressie tussen supporters, geen dranghekken of compartimentering, maar één groot feest. Verkopers lopen af en aan met alle mogelijke soorten eten en drank, cheerleaders(allemaal Westerse vrouwen) tonen tussen elke over(=6 ballen) hun danskunsten en de master of ceremonies jut het publiek nog wat op, mocht dat al mogelijk wezen. En ondertussen wordt ook nog een match gespeeld.

De wedstrijd zelf was leuk om volgen, veel beter dan op TV kon je de taktiek zien en de  sfeer proeven. Helaas bleken de Kolkota Knight Riders te sterk voor onze Deccan Chargers. Als ware supporters waren we dan ook (heel eventjes) diep bedroefd na de match.


foto's: Steven Van Eynde


woensdag 4 mei 2011

Candlelight cooking


Als je vorig jaar mijn blog volgde, herinner je je misschien nog dat de elektriciteit hier nog al eens durft uit te vallen.Vooral tijdens de zomermaanden, vertelt men mij. Ik hoop dat dit klopt, maar kan het voorlopig niet bevestigen, want dit is het enige seizoen dat ik al in India doorbracht.


De laatste week is het elke avond meerdere keren van dattum. Unplanned power cuts. Meestal niet zo lang, tussen de 5 en de 20 minuten, maar wel erg vervelend. Geen licht meer, geen ventilator, geen airco, geen TV meer, geen internet, niks. En in tegenstelling tot vorig jaar beschikt ons appartement niet over een noodgenerator, dus uit is uit. Geloof mij, een westerling is een leven zonder elektriciteit echt niet meer gewoon.

Vanavond wou ik net beginnen koken, was de "mise-en-place" van mijn groentjes juist gebeurd, de ajuintjes aan het fruiten, en hup, alles donker. (Even tussendoor, zelfs in het putteke van de Indische zomer gaat de zon 's avonds tussen halfzeven en zeven onder). Alles terugzetten was niet echt een optie, dan maar een kaars gezocht en gekookt by candlelight. Tastend of mijn courgette deftig geschild was, of de stukjes paprika niet te groot waren, de tomaten deftig ontpit. Hopen dat de boel niet ging aanbranden.

Het totale kookproces heeft 4 powercuts lang geduurd, maar het heeft mij gesmaakt, en ik heb nog wat over voor morgen.

PS: De foto is genomen tussen powercut 1 & 2

zondag 1 mei 2011

Bij de apotheker


Airco, of AC zoals het hier heet, maakt het leven makkelijker. Overdag is het ongeveer 40°. Soms iets meer, soms iets minder en dan is zo'n AC een zegen. Gevolg daarvan is dat je nogal wat temperatuurschommelingen doormaakt op een dag. Van een kamer met AC, naar een keuken zonder, naar een auto met, een terras zonder, een kantoor met. En al schommelingen zijn op mijn keel geslagen. De bedenkelijke luchtkwaliteit op sommige plaatsen hier in Hyderabad zal er ook wel geen goed aandoen.

De keelpastilles uit mijn persoonlijke apotheek komen goed van pas. Maar mijn keelpijn duurt me nu al net iets te lang en daarom besloot ik wat Brufen te nemen. Die had ik echter niet bij. Geen paniek. Langs de straat kun je hier genoeg "pharmacies" vinden, die 7 op 7 open zijn. Geen problemen met wachtdienst dus.
Zo'n pharmacy is meestal een piepklein winkeltje met een lange toog, waarin en waarachter het volgestouwd staat met pillen en zalfjes. Ook luiers worden er verkocht.


Ik vroeg de pharmacist (of die persoon enige opleiding had weet ik niet) om Brufen. Dat hadden ze in huis, echter alleen de 200. Een voorschrift of iets dergelijks had ik niet nodig. De man vroeg hoeveel ik er moest hebben. Want medicijnen dat koop je hier niet per verpakking, maar per aantal stuks. Als je wil, of als je niet veel geld hebt, dan kan je ook één pilletje krijgen. Ik vroeg een kaartje van 15. "Are you sure, sir?" "Yes, quite sure".

En dus kreeg ik mijn kaartje met 15 brufens. The real stuff, geen namaak, geen generiek merk. Vlug controleerde ik de vervaldatum en vroeg mijn rekening. Vijf roepie(=8 eurocent).  "Five, are you sure, sir?" "Yes, quite sure"